woensdag 28 mei 2014

Uit je comfortzone (2)

Ze staan al klaar als ik aankom. De vader, een keurige eind-vijftiger en zijn dochter, geen peuter maar een leuk pubermeisje.
We stellen ons aan elkaar voor en nadat de koffers in de auto zijn gezet en vader het huis heeft afgesloten vertrekken we.
“Ik heb gezegd dat het geen luxe auto is hè,” zeg ik lachend maar inwendig wat verlegen met de situatie.
Deze mensen zijn een heel ander vervoersmiddel gewend, dat is duidelijk.
“Nee hoor, geen enkel probleem,” zegt de man vriendelijk, “we zijn blij dat we mee kunnen rijden en hij rijdt toch?”
Om mij gerust te stellen voegt hij er aan toe dat hij graag in een Renault Espace rijdt, hij heeft er zelf ook één. Maar die van hem staat ondanks zijn beduidend jongere leeftijd nu bij de garage, en die van mij rijdt in ieder geval. 
“Tja, dit is voor mij ook weer eens wat anders,”zegt de man zorgeloos, “ik reis het traject Parijs-Nederland vrij vaak en meestal ben ik degene die de lift aanbiedt.”
Ik vertel hem dat dit de eerste keer is dat ik mensen georganiseerd meeneem. Dat ik geaarzeld heb om co-voiturage voor te stellen, vanwege mijn oude auto, maar dat deze oude brik zich op de heenweg zo goed gedragen heeft, dat ik toch maar een bericht heb geplaatst op nederlanders.fr.
Dat er vervolgens niemand reageerde en dat ik erg verrast was dat zijn vrouw vanochtend op de valreep nog belde. Ze heeft zeker mijn blogverhaaltje ‘In z’n drie door Vichy’ niet gelezen,” vraag ik lachend.
Ik vertel hem het verhaal over mijn autopech en de helse rit die ik heb gehad. Hij ziet de grappigheid er blijkbaar ook van in want hij moet lachen. Zo, de kop is eraf, denk ik opgelucht, op naar Parijs. 
“Nou, zo te horen klinkt de auto nu toch goed, hij haalt wel hoor!” zegt de man bemoedigend.

“Maar woon jij nu in Breda of in Parijs?” vraag ik nieuwsgierig. Het blijkt beiden het geval te zijn. Zijn vrouw werkt in Parijs en heeft daarnaast ook een baan in Nederland, vanwege haar werk pendelen ze nu een beetje heen en weer. Hij is tot voor kort een hoge officier bij Nederlandse defensie geweest, in de diplomatieke dienst. "Zo, dus ik ben in hoog gezelschap," constateer ik lachend. "Ach," antwoordt hij, "wat zal ik zeggen, in principe wel, maar ik ben niet meer in functie hoor. Die legerbaan is voorbij en in feite ben ik nu een vrij burgerman, daardoor kan ik nu nog meer genieten van het dubbelleven Parijs-Nederland.
Ik zit in de comfortabele positie dat ik kan kiezen, een oriënterende fase, kijken wat ik nog wil gaan doen."
Wat een interessante man denk ik met enig ontzag, wat leuk dat hij zo open is.
Voor mij is iemand uit het leger, zeker met zo'n hoge rang één en al gezag, autoriteit en afstandelijkheid, daar zou ik dit nooit van verwachten.
Een grappige situatie schiet door m'n hoofd.
Er is al het hele weekend sinds ik in Nederland ben van alles te doen rondom de ‘Nucleaire top’, die overmorgen, dinsdag 25 maart zal plaatsvinden in Den Haag. 
Rijkswegen die afgezet zijn, extra security.
Wij rijden Nederland dan wel uit, maar je weet het nooit, deze auto heeft al meerdere keren de aandacht van de douane getrokken, wat als we aangehouden worden? Dan rijd ik hier zowaar met de defensietop de grens over!
“Oh, dus ik zit hartstikke goed met jou naast me als we aangehouden worden,” grap ik vrolijk.
Ik zie het al helemaal voor me, de douane die denkt een stelletje alternatieve actievoerders aan te houden en dan kom ik met hem op de proppen.
Jammer wat een kans, reden we maar richting Nederland, dan was de pakkans groter. Dat zou ik nu graag eens mee willen maken.

Net als vroeger, toen ik met een vriendje liftend naar Frankrijk trok. Dat was trouwens precies de omgekeerde situatie; een keurige heer nam ons, 'langharig tuig’ mee de grens België - Frankrijk over.
We moesten stoppen want de douane kreeg ons in het vizier. De arme man mocht helaas ook niet verder. Onze bagage werd onderzocht en ja hoor, beet!
Triomfantelijk viste de douanier een plastic zakje voor één vierde gevuld met wit poeder uit één van de rugzakken. De douaniers waren in alle staten van opwinding, dit was de ‘betere’ vangst!
Het zakje ging van hand tot hand en verdween, met een douanier mee naar een andere ruimte.
Het wachten, op dat wat wij al wisten wat zou gaan komen, begon. De man wachtte noodgedwongen mee.
Na anderhalf uur kwam een duidelijk teleurgestelde douanier onvriendelijk zeggen dat we mochten vertrekken.
Ondanks zijn stoere onverzorgde uiterlijk had mijn vriendje een keurig en zeer zorgzaam moedertje en die had nog net voor we vertrokken, ondanks onze protesten, een zakje waspoeder in zijn tas weggemoffeld.
Het was wel erg sneu voor deze douaniers en onze liftgever, die ons overigens toch gewoon weer mee verder nam. Wat een situatie! Dagenlang hebben we er lol om gehad.

Mijn emotionele bui, die mij aan het begin van mijn bezoek aan Nederland was overvallen, begint op te klaren. Ik ben weer in m’n element, lekker reizen en ondertussen ook nog van gedachten wisselen met iemand die een totaal ander leven heeft dan ik, maar in feite in net zo'n onzekere positie zit ten aanzien van zijn eigen doelstellingen.
Leuk deze onverwachte ontmoeting!
De man vertelt verder over zijn leven vroeger als diplomaat, dat hij dus met zijn gezin de halve wereld over gezworven heeft. Hij heeft maar liefst vijf kinderen, die allemaal minimaal drietalig zijn. Opgegroeid in het buitenland, internationale scholen. Maar ook over de moeilijke keuzes waar je als diplomaat soms voor gesteld staat.
Wow, dat is echt iets wat ik ontzettend interessant vind! Wat leuk om eens een kijkje te krijgen in zo'n andere wereld. 
Maar we hebben toch ook aardig wat gemeenschappelijke ervaringen.
We bespreken hoe je leven verandert als je eenmaal in het buitenland woont.
Elke emigrant is toch een soort avonturier.
“Daarom neem ik graag lifters mee,” zegt de man, “je ontmoet altijd mensen met een bijzonder verhaal!”
"Zou jij weer echt helemaal in Nederland kunnen wonen?" vraag ik geïnteresseerd, dit is natuurlijk ook mijn actuele thema; moet ik keuzes maken en zo ja, welke dan?
Hij geeft aan dat hij zich dat ook niet meer kan voorstellen, dat je verandert naarmate je langer uit Nederland weg bent.

Je vervreemdt van je geboorteland en de achterblijvers begrijpen je steeds minder, je krijgt steeds minder gemeenschappelijke ervaringen. En dat dat soms heel jammer of pijnlijk is, is iets wat ook bij hem heeft gespeeld.
Zie je wel denk ik, geld heeft hier dus helemaal niets mee te maken. 
Geanimeerd vertel ik mijn verhaal, over Henk die Bassist is, over de jazzclub, het werken met muzikanten, maar ook dat ik weer terug ben naar mijn leven als artiest, dat ik nu ook in Frankrijk begin door te breken en dat ik daar erg trots op ben. En natuurlijk vertel ik over mijn boek en m'n schrijverij.
Hoe blij ik ben met mijn leven maar dat de economische situatie mij toch erg in verwarring brengt.
Hij luistert geïnteresseerd naar mijn verhaal. "Nou," reageert hij lachend, "als ik jou zo hoor, zou ik lekker doorgaan waar ik mee bezig was. Uit alles blijkt dat daar jouw hart ligt en ik denk ook dat je dat ontzettend goed doet."
Wat een leuk compliment en wat een speciale autorit!

“Jaha, zegt de man, muziek is in mijn familie ook altijd belangrijk geweest, vooral de klassieke muziek.”
Natuurlijk, denk ik, dat lijkt me logisch, volkomen in de lijn van mijn verwachtingen.
“Maar ook hardrock,” vervolgt hij.
“Echt waar?” verwonderd kijk ik hem aan. Hij lacht een beetje geheimzinnig. “Je weet inmiddels mijn achternaam...”
“Adje!” roep ik verrast uit. “De gitarist van uh..."  "Whitesnake en VandenBerg," vult hij aan.
"Nee, echt waar, is dat jouw broer? Wat bijzonder!" 
“Ja,” zegt de man trots, “Ad heeft weer een nieuwe band bij elkaar en binnenkort hebben ze een optreden in Parijs, dan ben ik zeker ook van de partij met mijn gezin, reken maar dat wij vooraan zitten!”
Ik moet lachen.

Wat is het leven toch wonderlijk. Alles aan deze man is anders dan ik het me had voorgesteld.
Zit ik hier ineens ook nog met de broer van een bekende hardrock gitarist in de auto.

Zo zie je maar weer, alles is betrekkelijk, denk ik opgelucht.
Mijn stemming is vrolijk en luchtig geworden.   
Dit zou ik nooit meer willen missen. Ik houd van vreemde en onverwachte ontmoetingen en nieuwe situaties, sinds mijn leven in Frankrijk zit het hier vol van.
Zelfs deze man met het ogenschijnlijk keurige leven is ook een vrijbuiter net als ik en daarom kunnen we het, ondanks het verschillende sociale milieu waarin we leven toch ontzettend goed vinden met elkaar. Wat maakt het uit dat we nu in deze oude brik zitten, we rijden en bereiken beiden ons doel. Hij Parijs en ik straks de Auvergne.

Zijn dochter zit al die tijd keurig en stilletjes achterin, waarschijnlijk kan ze door de herrie van de auto ons gesprek maar amper volgen. Als ik zeg dat ik het rot vind dat
ze op deze manier zo buitengesloten wordt, lacht ze lief. Het is geen probleem, ze heeft haar iphone.
De tijd is omgevlogen en we naderen Parijs. Vader en dochter moeten naar het stadscentrum, maar we hebben afgesproken dat ik hen afzet bij het treinstation van het vliegveld ‘Charles de Gaulle’.
Kan ik gemakkelijk de snelweg weer opdraaien en voor hen is het dan nog maar een klein stukje met de trein.
We rijden de ‘dépose minute’ bij het treinstation op. Het is gelukkig niet druk. Ze halen hun koffers uit de achterbak, hij geeft me een bijdrage voor de rit, ik geef hem een visitekaartje van Henk en van mij. Vrolijk schudden we elkaar de hand en wensen elkaar een goede reis.
Ik stap weer in de auto, draai schuin achteruit het parkeervak uit en terwijl ik in z’n één optrek zie ik ze over mijn schouder nog net het gebouw binnenstappen.
Zo, dat was leuk en nog een centje verdiend ook, geweldig! Ik ben vrolijk en blij, het leven is mooi!
Ik geef gas, hup in z’n twee maar dan ineens Tak , ik hoor een enorme knal en mijn linkervoet schiet naar beneden en rust nu, samen met het schakelpedaal, op de bodem van de auto……
"Oh nee, niet wéér!" roep ik hartgrondig uit terwijl ik de auto met het behaalde vaartje weer een parkeervak in stuur. "Oh God, wat nu?" 


_______________________________________________________________________________

In 2007 ben ik samen met Henk (contrabassist) verhuisd naar het Franse platteland.
Over deze wonderlijke periode heb ik een boek geschreven:

Ben je geïnteresseerd?  Via deze linken kun je het bestellen:
  Bol.com  
boek € 16,95

  Ebook  
  ebook: €4,99

uitg.: Vandorp educatief/ Grenzeloos
Het verhaal over een waarzegster en een muzikant die samen hun geluk in Frankrijk willen beproeven om daar een centrum voor muziek en levenskunst op te zetten

Als Lies op een avond Henk ontmoet slaan de vonken direct over. Behalve hun artiestenbestaan blijkt al snel dat ze ook hun passie voor Frankrijk delen.
Het begint met dromen over 'later als...' maar hun enthousiasme haalt de droom in. Samen storten ze zich in het avontuur en belanden van het ene toeval in het andere.
Een verhaal vol humor, over passie en durf, dromen en aanpakken, liefde en loslaten maar vooral over verwondering.
Wat kan er veel gebeuren als je gewoon ‘ja’ durft te zeggen! Zij gaan er in ieder geval vanuit dat hun idee fantastisch is en alle gebeurtenissen lijken dit ook te bevestigen…


Deel twee komt uit in september/ oktober 2014

zaterdag 24 mei 2014

Uit je comfortzone(1)

Om kwart over acht ‘s ochtends begint mijn mobiele telefoon te rinkelen, op het display zie ik een onbekend Frans nummer. Zondagochtend, wie belt er nu op dit tijdstip? Een beetje verwonderd neem ik op.
Een vrouwenstem aan de andere kant van de lijn stelt zich voor in het Nederlands en vraagt of ik nog steeds plaats in de auto heb. Haar man en dochter zijn in Breda en zoeken een lift naar Parijs.
“Ja natuurlijk!” antwoord ik verrast. Ze geeft me zijn telefoonnummer zodat ik het verder met hem kan regelen.
Zo dat is geluk hebben, denk ik in m’n nopjes, toch nog gedeelde reiskosten.
Vier dagen geleden ben ik, met redelijke bibbers in mijn lijf, toch weer in onze oude Renault Espace uit 1993 naar Nederland gereden voor een optreden.
Een reis waar ik van te voren wel heel erg tegenop zag maar die wonderwel toch weer goed verlopen is. De motor liep zelfs als een zonnetje en ook in Nederland reed ik vlekkeloos nog zo'n driehonderd kilometer weg. 
Dit had me de moed gegeven om toch een oproep voor co-voiturage voor de terugweg te plaatsen op Nederlanders.fr
Helaas heeft er niemand gereageerd, maar daar heb ik met Henk door de telefoon ontzettend om gelachen. “Die hebben natuurlijk allemaal m’n blogverhaal ‘In z’n drie door Vichy’ gelezen”.
 

Ik bel de man en krijg een adres in het Ginniken, een wat sjiekere wijk in Breda. De man klinkt aardig en keurig. “Ik heb wel een oude auto hoor, geen luxe!” waarschuw ik toch maar even voor de zekerheid. Hij vindt het geen enkel probleem en we spreken af dat ik er om tien uur zal zijn.
Ik vind het spannend, dit is de eerste keer dat ik iemand meeneem die ik niet ken. Ik rijd bijna altijd alleen, daar houd ik van, dan heb ik m’n gedachten voor mezelf en kan ik lekker harde muziek luisteren. Nu gaat deze man met dochter, alleen maar mee tot Parijs, de helft van mijn reis, maar toch zullen we nog zo’n drie à vier uur bij elkaar in de auto moeten zitten, hopelijk hebben we wat gespreksstof anders duurt zo’n reis knap lang.
Wat zou het eigenlijk voor iemand zijn?
Een vader en een dochter die naar Parijs gaan en een moeder die uit Parijs belt, zoiets maakt me toch nieuwsgierig. Het zal wel een gescheiden man zijn, denk ik het antwoord te weten. Het kind zal dan wel bij haar moeder in Parijs wonen. Als het maar niet zo’n kleine krijsende dreumes is.
Ojee, en ik moet lachen bij de gedachte, straks heeft hij allemaal ‘kinderen voor kinderen’ cd tjes bij zich om het meisje zoet te houden. Dat zal mijn geluk weer wezen!
Ach, we zullen wel zien, voorlopig ben ik blij dat ik mijn kosten wat kan delen, maar vooral dat ik weer naar huis ga.

Deze keer verloopt het bezoek aan Nederland niet echt ontspannen. Ik weet niet wat ik heb, ik ben gevoeliger dan normaal, erg moe en kan me slecht concentreren.
M’n optreden is daardoor nogal zwaar geweest.
Het bezoek aan m’n dochter in Amsterdam voelt als 'veel tekort' en ondanks dat is het parkeertarief nog te hoog.
Hoewel ik op het ogenblik best gelukkig ben en ik me erg verheugd heb om haar weer te zien, maakt ons weerzien me dit keer melancholiek. Wat mis ik eigenlijk een groot deel van haar handel en wandel, nooit kunnen we eens even gezellig bij elkaar langs.
Wat is nu eigenlijk mijn moederrol? Ik ben me pijnlijk bewust dat ik haar al een hele tijd niet meer even lekker heb kunnen verwennen met cadeautjes of leuke kleren. Een bezoekje aan de ‘stad’ en samen lekker lunchen op een terrasje, wanneer was dat voor het laatst?
Ik voel me verdrietig en in de war.
Wat is de prijs eigenlijk die ik betaal voor mijn droomleven in Frankrijk? Ik houd van mijn dochter en toch kies ik voor een leven met een veel lagere levensstandaard, zodat ik haar lang niet zo vaak kan zien als dat ik zou willen. Groeien we niet uit elkaar? Ze is vijfentwintig inmiddels, terwijl ze in mijn hoofd maar steeds achttien blijft.
Ik kijk naar mezelf met mijn oude autobrik, om me heen vliegen de grote en vooral nieuwe auto’s langs me heen. Nederland is één en al bling bling, het levensritme is hier twee of misschien wel drie keer zo snel als in de Auvergne.
Dit kan ik nooit evenaren. Ik ben blij dat ik hier nog kan komen voor een bezoekje maar meer zit er voorlopig niet in. Toch voel ik tegelijkertijd ook dat ik deze snelle wereld aardig begin te ontgroeien, ik moet er niet aan denken om nog aan deze ratrace mee te doen.
Met een behoorlijke brok in m’n keel rijd ik weer naar Brabant, naar m’n ouders om hier nog één nachtje te slapen voor mijn terugkeer naar huis. Terug naar de rust en de natuur.  

Maar in plaats van nog een laatste gezellig avondje krijg ik op de valreep nog een tirade van m’n vader over me heen.
Dit heb ik sinds mijn pubertijd niet meer meegemaakt en je zou het op mijn leeftijd ook niet meer verwachten, maar blijkbaar zit het hem erg hoog.
De strekking is duidelijk: het wordt tijd dat ik terugkom. De  résidence d’artistes en  jazzclub, waarvoor we naar Frankrijk zijn verhuisd is van de baan, dus waarom zouden we dan nog in Frankrijk blijven?  
“Je kunt daar de kost maar amper verdienen, wat zoek je daar toch in die armoede!” roept hij boos uit. Hiermee volkomen voorbijgaand aan alles wat me lief is en waar ik trots op ben.
Nu kan ik me zijn standpunt ook wel voorstellen, we moeten best wel  sappelen om rond te komen en soms raak ik daar ook wel van in de stress,  maar anders dan mijn vader zie ik nog steeds mogelijkheden.  
Hij gaat ook voorbij aan het feit dat ik al bijna tien jaar weg ben. Behalve mijn dierbare familie en een paar goede vrienden en af en toe een optreden, is er niets meer dat me aan Nederland bindt. Ik heb in Frankrijk een nieuw leven opgebouwd. We hebben ontzettend hard gewerkt om ons huis prachtig te verbouwen en een gezellige stek te creëren. Ik heb een geweldige werkplek waar ik heerlijk kan schrijven.  

Maar vooral dat het leven in Frankrijk een ‘mode de vie’ is die mij ontzettend bevalt en dat ik dit leven niet zomaar meer wil en kan loslaten, is iets wat hij totaal niet begrijpt.
Voor hem is het gewoon terugkomen en de draad weer oppakken, nou zo simpel ligt dat niet!
Dit probeer ik hem allemaal uit te leggen maar hij heeft zijn mening gevormd en staat totaal niet open voor mijn argumenten.
Ondertussen voel ik me gefrustreerd over zoveel onbegrip maar eigenlijk nog meer dat ik mezelf, als een kind, toch weer aan het verdedigen ben.
Ik zie mijn boze vader maar ik zie ook zijn onmacht en liefde.  Hij begrijpt gewoon niets van mijn leven in Frankrijk. Hij ziet mijn struggling niet als een avontuur en een uitdaging, zoals ik dat zelf ervaar.

Eigenlijk heb ik deze tirade ook wel aan mezelf te danken. Ik ben veel te open geweest al die tijd, ik vertel mijn ouders altijd alles over mijn voor en tegenspoed omdat ik dat graag wil delen, maar daar moet ik mee gaan stoppen. Vooral voor mijn vader is dit heel moeilijk, hij staat niet open voor het onbekende, het maakt hem alleen maar angstig, zodat hij alleen maar de  “negatieve” kant van mijn verhaal hoort.  
Hij wil me gelukkig en vooral welvarend zien, gewoon, lekker veilig in Nederland.
En misschien ligt onder deze hele discussie ook nog wel het feit dat hij me mist. Of het feit dat hij ouder wordt en dat er zomaar dingen kunnen gebeuren en dat ik dan erg ver weg ben.
Mijn moeder die er de hele tijd wat stilletjes bijgezeten heeft, roept ons tot de orde. “Zullen we er over ophouden? Jullie komen er toch niet uit, de situatie is zoals hij is, laten we nog even een gezellige avond hebben met elkaar.”
Gedurende de avond proberen we weer gewoon te doen, maar gemakkelijk is dat niet. De opgeroepen emoties blijven als een soort mistwolk om ons heen hangen.
Emigreren is soms ook gewoon heel erg pijnlijk.

Maar nu is het zondagochtend en ik sta op het punt om te vertrekken. Ondanks dat ik me nog steeds redelijk geëmotioneerd voel, ben ik ook erg opgelucht dat ik weg kan, naar huis en naar Henk.
Mijn ouders zwaaien me na. “Tot de volgende keer Lies, doe voorzichtig!”
Het zijn gewoon heel erg lieve mensen, ik hoop dat ik weer snel terug kan komen.
Maar voor nu… op naar Breda. Terug naar mijn nieuw gekozen leven,  ik ben benieuwd wat deze reis weer gaat brengen…………   


_________________________________________________________________________________

In 2007 ben ik samen met Henk (contrabassist) verhuisd naar het Franse platteland.
Over deze wonderlijke periode heb ik een boek geschreven:

Ben je geïnteresseerd?  Via deze linken kun je het bestellen:
  Bol.com  
boek € 16,95

  Ebook  
  ebook: €4,99
 

uitg.: Vandorp educatief/ Grenzeloos
Het verhaal over een waarzegster en een muzikant die samen hun geluk in Frankrijk willen beproeven om daar een centrum voor muziek en levenskunst op te zetten

Als Lies op een avond Henk ontmoet slaan de vonken direct over. Behalve hun artiestenbestaan blijkt al snel dat ze ook hun passie voor Frankrijk delen.
Het begint met dromen over 'later als...' maar hun enthousiasme haalt de droom in. Samen storten ze zich in het avontuur en belanden van het ene toeval in het andere.
Een verhaal vol humor, over passie en durf, dromen en aanpakken, liefde en loslaten maar vooral over verwondering.
Wat kan er veel gebeuren als je gewoon ‘ja’ durft te zeggen! Zij gaan er in ieder geval vanuit dat hun idee fantastisch is en alle gebeurtenissen lijken dit ook te bevestigen…


Deel twee komt uit in september/ oktober 2014

zaterdag 10 mei 2014

Internet in de Auvergne

April. Sinds de sneeuwstorm in november (zie blog: winter) waarbij alle telefoonpalen geknakt en omgevallen zijn en de draden er maar verloren bijhangen, hebben wij problemen met de verbinding.
Het hoeft maar wat harder te waaien of te regenen en wij zitten zonder telefoon en internet. De storing duurt dan een middag, een dag of zelfs enkele dagen. Soms doet de stroom ook nog mee en zijn we werkelijk van de moderne wereld afgesneden.
Het heeft niet echt zin om te klagen want de schade is over een gebied van zo’n twintig  vierkante kilometer, dus het probleem zit overal.
Toen het gebeurde, zat zo’n beetje de hele streek zonder telefoon en reageerde France telecom redelijk snel. Overal zag je autootjes en hoogwerkers van het bedrijf en waren mannen bezig om alles weer provisorisch aan elkaar te knopen
Natuurlijk begrijpen wij ook wel dat het veel tijd kost om het telefoonnetwerk helemaal te vernieuwen, maar dit duurt wel erg lang, ondertussen zijn we al een half jaar verder.
Ik heb begrepen dat ze wat hogerop in de bergen alles al vernieuwd hebben, maar bij ons is er verdomd weinig activiteit.

Sinds gisteren is het weer zover, alles ligt er weer uit, maar er is een lichtpuntje want Henk heeft net ontdekt dat er draden uit de box steken, dit euvel moet dus zo verholpen zijn.  
De box is een verdeelkast, niet zover van ons huis, waar alle telefoondraden uit onze buurtgemeenschap samenkomen. Deze is normaal gesproken keurig aan een paal gemonteerd maar hangt nu dus al vanaf november gewoon in de berm langs de weg te bungelen.
Ik bel SFR en leg de helpdeskmedewerker uit dat het probleem exterieur is en dat ik zelfs weet waar de storing zit.
De man zegt een dossier aan te maken en er zal een technicien van France telecom komen, binnen nu en vijf dagen. SFR zelf zal ook over vijf dagen contact met ons opnemen om te kijken of alles goed verlopen is.  
“Wat is dat een achterlijke werkwijze,” foetert Henk, “ze kunnen toch zo komen, het is een kleinigheid en dat moet vijf dagen duren?”
Henks ogen schieten vuur. “Ik ga zelf kijken wat ik kan doen, hier ga ik niet op zitten wachten!” Hij zoekt wat gereedschap en gaat vastberaden de deur uit.
Een half uur later hoor ik de telefoon geluidjes maken, wow het is hem gelukt!
“Joehoe,” gil ik uit het raam, “hij doet het Henk!”
Opgetogen komt Henk teruglopen. Hij heeft de box open geschroefd, goed gekeken en toen het draadje dat vanaf ons huis kwam vastgemaakt aan eenzelfde kleur draadje in de box.
“Wow, Henk je bent een kanjer!” zeg ik bewonderend.
 “Eigenlijk heel simpel,” zegt hij voldaan, “maaruh, ik ga nog even terug om de boel wat in te pakken en een beetje beter vast te zetten. Ik zal er ook een brief bij doen voor de technicien.”
Het is maar goed dat Henk de verbinding zelf gemaakt heeft, want na vijf dagen is er nog steeds geen technicien geweest, de brief zit nog steeds in de tas. Ook SFR laat niets meer van zich horen. Inmiddels heeft Henk ook nog een stoel met reflecterend jasje in de berm gezet om automobilisten te attenderen voorzichtig te zijn.  

Een week later is het weer raak. Een vrachtwagen heeft de telefoonleiding, die schuin boven de weg hangt, doormidden gereden.
Toevallig zie ik het gebeuren, dus ik bel direct naar de SFR.
Voor de zoveelste keer weer de riedel uitgelegd over de storm en dat daardoor de draden te laag hangen, bla bla bla…. en dat er nu dus een vrachtwagen de draad kapot heeft gereden.
De helpdeskmedewerker zegt het te onderzoeken en zet me in de wacht. Twee minuten later is hij er weer.
“Nee hoor mevrouw, er is niets aan de hand, u heeft gewoon verbinding.”
“Hoe is het mogelijk! Ik heb toch duidelijk gezien dat de kabel in twee stukken getrokken is, hoe kan er dan verbinding zijn? Als dat zo was dan zou ik toch niet bellen!” werp ik geirriteerd tegen.
“Nee, echt mevrouw, volgens de computer heeft u gewoon telefoon.”
Wat is dit nu weer? Dit kan niet waar zijn, denk ik ongelovig. Maar wat ik ook probeer, de man houdt bij hoog en laag vol dat ik gewoon verbinding heb.
“Maar als u niets doet, hoe moet ik dit dan oplossen? Ik kan toch niet zelf een hoofdkabel aan elkaar knopen?” vraag ik haast wanhopig.
De man zegt dat, als ik toch wil dat er iemand komt ik maar contact op moet nemen met de gemeente, de burgemeester moet maar bellen. Beduusd hang ik op.
Dit heb ik nog nooit meegemaakt, van alle ‘kastje naar de muur’ ervaringen hier in Frankrijk is dit wel de meest bizarre, die man poeiert mij gewoon af met een leugen!

“Het komt vast doordat jij de kabel vorige week zelf hebt gerepareerd,” zeg ik peinzend tegen Henk. “ Het is ook gek dat er niemand is geweest zoals afgesproken. Waarschijnlijk hebben ze eerst de lijn gemanipuleerd met hun computer om te kijken waar de storing zat en toen bleek dat alles werkte, hebben ze natuurlijk gedacht dat ik vals alarm had geslagen.”

Ik bel de burgemeester en hij belooft er werk van te maken. Drie dagen later is het weer gefikst. De kabel is gerepareerd maar hangt nog steeds net zo laag als voordat hij kapot gereden werd, het wachten is op het volgende euvel.
En dat komt er al weer vrij snel, twee weken later. Mannen van de gemeente zijn de hele dag bezig geweest met het maaien van de wegenbermen en ja hoor de verbinding is weer verbroken, niet bij ons maar bij het buurtschap verderop.
De buurvrouw komt aanbellen om te kijken of wij er ook uit liggen. Ze is woedend en zegt dat ze direct naar de Mairie gaat. Twee dagen later hebben zij weer verbinding maar nu liggen wij er weer uit.   
“Wanneer wordt het nu eens echt goed gemaakt, dat steeds maar provisorisch oplossen, ik word er gek van,” zucht ik moedeloos.
“Het is een schande dat ze alles er zo maar bij laten hangen! We kunnen klagen wat we willen maar niemand doet wat, ze laten ons gewoon stikken.”
Even later heeft Henk de oplossing. “Als ik die box nu eens helemaal los trap, dan zit echt iedereen zonder telefoon en dan zal er toch iets moeten gebeuren!” zegt Henk strijdbaar en voegt meteen de daad bij het woord en loopt naar de deur om naar buiten te gaan. “Ik ben het hartstikke zat!”  
Even later is hij terug, “ Zo, nu zitten minstens 25 huizen zonder telefoon!” zegt hij tevreden lachend, “als die allemaal gaan klagen dan zal het probleem toch eindelijk wel eens afdoende opgelost worden!”
“En heeft iemand je gezien?” vraag ik toch een beetje ongerust. “Welnee, ben je gek! Maar ik heb de stoelconstructie ook nog een trap gegeven zodat het echt een aanrijding lijkt.”

Vier dagen later hebben we nog geen hoogwerker met nieuwe kabels en palen gezien, wel stopt er een klein bestelautootje voor de deur. Het blijkt een monteur van France telecom te zijn die langskomt om de situatie te verkennen zodat ze later met grof geschut terug kunnen komen om alles te repareren, tenminste dat veronderstellen wij.
We wijzen hem de omgevallen palen her en der, en ook waar de box ligt. Hij rijdt er met zijn auto heen.
Een half uurtje later horen we hem wegrijden, nieuwsgierig gaan we bij de box kijken en zijn zwaar teleurgesteld; deze ligt weer op z’n oude plek en alle draden zitten er weer in. Er is niets veranderd, zelfs de stoel heeft hij er weer keurig voor gezet.
De hele actie is voor niets geweest, hier zijn we voorlopig dus nog niet vanaf. Ik begrijp werkelijk niet waarom France Telecom niets aan deze situatie doet. Je kan iets provisorisch maar ook direct goed maken. Er zijn nu al zo vaak mensen geweest om te repareren, wat kan het belang van deze omslachtige handelswijze zijn?
Ach, ik moet het loslaten, denk ik bij mezelf. In Frankrijk moet je niet alles willen weten en vooral niet zoeken naar logica.
Dan maar weer provisorisch... we hebben nu in ieder geval weer verbinding met de buitenwereld. Dat is toch weer een geluk bij een ongeluk vandaag!




     ____________________________________________________________________________
In 2007 ben ik samen met Henk (contrabassist) verhuisd naar het Franse platteland.
Over deze wonderlijke periode heb ik een boek geschreven:

Ben je geïnteresseerd?  Via deze linken kun je het bestellen:
  Bol.com  
boek € 16,95

  Ebook  
  ebook: €4,99

uitg.: Vandorp educatief/ Grenzeloos
Het verhaal over een waarzegster en een muzikant die samen hun geluk in Frankrijk willen beproeven om daar een centrum voor muziek en levenskunst op te zetten

Als Lies op een avond Henk ontmoet slaan de vonken direct over. Behalve hun artiestenbestaan blijkt al snel dat ze ook hun passie voor Frankrijk delen.
Het begint met dromen over 'later als...' maar hun enthousiasme haalt de droom in. Samen storten ze zich in het avontuur en belanden van het ene toeval in het andere.
Een verhaal vol humor, over passie en durf, dromen en aanpakken, liefde en loslaten maar vooral over verwondering.
Wat kan er veel gebeuren als je gewoon ‘ja’ durft te zeggen! Zij gaan er in ieder geval vanuit dat hun idee fantastisch is en alle gebeurtenissen lijken dit ook te bevestigen…


Deel twee komt uit in september/ oktober 2014